WhatsApp-Image-2022-04-20-at-10.57.31-AM

AanDeBak-garantie voor 25 zorgstudenten uit Rotterdam-Zuid

25 mbo-studenten uit Rotterdam-Zuid weten zeker dat ze na het afronden van hun zorg- of welzijnsopleiding direct aan het werk kunnen. Zij ontvingen in april namelijk een AanDeBak-garantie.

De uitreiking van de AanDeBak-garantie vond plaats onder feestelijke omstandigheden. Werkgevers uit de zorg en de kinderopvang reikten samen met vertegenwoordigers van deRotterdamseZorg en het Albeda Zorgcollege de baangaranties uit in Theater Zuidplein. Hierbij waren niet alleen de studenten, maar ook hun familie aanwezig. Zij woonden onder meer een korte talkshow bij, waarin enkele werkgevers met elkaar in gesprek gingen. Een sfeerimpressie is in onderstaande video te zien.

Van school naar werk

De AanDeBak-garantie is een initiatief van NPRZ (Nationaal Programma Rotterdam Zuid). Het zorgt ervoor dat jongeren op Rotterdam Zuid na het behalen van hun mbo-diploma een goede start op de arbeidsmarkt hebben en zijn verzekerd van een baan. De baangaranties zijn er voor opleidingen in de sectoren zorg, bouw&infra, defensie, techniek, politie, haven, kinderopvang, food, transport & logistiek en installatie & metaal. Het concept sluit aan bij de Leerwerkakkoord-pijler ‘Van school naar werk’. In deze pijler is het credo ‘geen jongere zonder baan van school’.

Inspelen op toenemende zorgvraag

Niet alleen de jongeren, maar ook de sectoren weten met de AanDeBak-garantie beter waar ze aan toe zijn. Zij zijn verzekerd van nieuwe medewerkers in een tijd van krapte op de arbeidsmarkt. ‘We hebben, nu én in de toekomst, goed opgeleide mensen nodig,’ vertelt Arnold Roggeveen. Hij is manager bedrijfsvoering bij deRotterdamseZorg én projectleider van het Leerwerkakkoord Zorg. ‘De vraag naar zorg neemt alleen maar toe, maar er zijn steeds minder jongeren die in de zorg gaan werken. Omdat we in de toekomst goede zorg willen blijven leveren aan alle Rotterdammers, is de AanDeBak-garantie belangrijk.’

Opleidingen De opleidingen met een AanDeBak-garantie worden gegeven op Albeda, Lentiz Life College, het Scheepvaart- en Transportcollege, het Techniek College Rotterdam en Zadkine. Meer informatie over de AanDeBak-garantie is te vinden op aandebakgarantie.nl.

Peter Smit

Column Peter Smit: focus zorgt voor meer succes

Beste partners en vrienden van het Leerwerkakkoord,

Terwijl ik deze column schrijf, schijnt de zon volop. Ik hoop dat dit ook bij jullie thuis en in jullie organisaties zo is. Letterlijk, maar zeker ook figuurlijk.

Binnen ons Leerwerkakkoord breekt dat zonnetje in ieder geval steeds vaker en sneller door. Projecten worden volwassen en krijgen een meer regulier karakter en borging bij onze partners. Maar we starten ook nieuwe initiatieven. Niet zoveel als in het begin, want we hebben geleerd dat focus ook loont. Bovendien gaan we samen genoeg uitdagingen aan. Het is fijn om te zien dat deze focus zijn vruchten afwerpt; binnen de samenwerkingsverbanden én binnen het Leerwerkakkoord als geheel. De laatste kennissessie van ons Kennisplatform Leven lang Ontwikkelen en Sociale Innovatie trok bijvoorbeeld 148 bezoekers. Ook maken we belangrijke slagen in het vormgeven van de werksessies in de regio.

Een mooie doorbraak bereikten we ook binnen het Leerwerkakkoord Facilitaire Dienstverlening. In samenwerking met het team Garantiebanen van de gemeente Rotterdam en Balanz krijgen elf mensen een nieuwe baan in de schoonmaak binnen de zorg. De werkplekken worden in samenwerking met alle partners geregeld. Een mooie samenwerking, vooral ook omdat we van alles leren van elkaar en samen de uitdagingen aangaan. Dit smaakt absoluut naar meer!

Ander leuk nieuws is dat we als LWA een workshop geven op het landelijke leerwerkfestival LLO op maandag 16 mei in Amersfoort. Dit festival wordt georganiseerd door de programmaraad van de SER. We delen daar onze ervaringen met verschillende initiatieven in relatie tot oriëntatie op nieuw werk en leven lang ontwikkelen. Denk dan aan onze Experiences, het programma Ontwikkelfit en het programma Van Bank naar Bouw. Mooie voorbeelden waar de rest van het land ook wat aan heeft!

Tot slot wijs ik jullie graag op onze conferentie op woensdag 29 juni in De Kuip. De officiële uitnodiging en het programma volgen nog – binnen ons programmateam wordt hard gewerkt aan de voorbereiding – maar ik verklap alvast dat het een spetterend geheel wordt. Blok in ieder geval de middag vanaf 14:00 uur in je agenda. We kijken niet alleen terug, maar vooral vooruit. Wat willen we met ons samenwerkingsverband bereiken, binnen de clusters en ook als partners in totaliteit? Waar willen we het verschil maken en hoe doen we dat? Ik heb er erg veel zin in!

Met al die fysieke evenementen lijkt het net of corona niet meer bestaat. Toch zeg ik: blijf goed op elkaar passen. En uiteraard: heel veel succes met samen doen én leren!

Groet,

Peter Smit

Programmamanager Leerwerkakkoord

AM_7832-1024x683

Zij-instromers in De Kuip warm gemaakt voor het vak van vrachtwagenchauffeur

Net als veel andere sectoren kampt de transport- en logistieksector met een groot aantal oningevulde vacatures. Events als de ‘Ik word vrachtwagenchauffeur’ stadiontour moeten een deel van het probleem oplossen. Eind maart werden in De Kuip 115 aanwezigen geënthousiasmeerd om vrachtwagenchauffeur of logistiek medewerker te worden.

Hoe nijpend het tekort aan vrachtwagenchauffeurs is? Menno Mekes heeft de cijfers paraat. ‘De komende jaren moeten er 10.000 vacatures worden ingevuld,’ zegt de manager mobiliteitscentrum van het Sectorinstituut Transport en Logistiek (STL). Deze landelijke organisatie is aangesloten bij het Leerwerkakkoord Transport & Logistiek, Personenvervoer en Binnenvaart. ‘Bij sommige bedrijven staan vrachtwagens stil, omdat er geen personeel gevonden kan worden,’ vervolgt Menno. ‘Werkend Nederland vergrijst en steeds minder jongeren kiezen voor een directe baan in de logistiek.’

Stadiontour

Daarom worden steeds meer zij-instromers verleid tot een baan in de logistiek. Dit kunnen mensen zijn die nu werken in andere sectoren, maar ook mensen die geen werk hebben. Dit is in lijn met de Leerwerkakkoord-pijlers ‘Van werk naar werk’ en ‘(Weer) aan het werk’. Om de potentiële nieuwe vrachtwagenchauffeurs te inspireren en enthousiasmeren organiseert STL een stadiontour. In voetbalstadions door het hele land worden dit jaar instapdagen georganiseerd.

Talkshow en persoonlijke gesprekken

Tijdens deze instapdagen wordt er flink uitgepakt. Zo was er in De Kuip – het stadion van Feyenoord – een talkshow met onder meer voormalig coureur Tim Coronel en de bekende vloggende vrachtwagenchauffeur Martijn Kuipers. Zij gingen in gesprek met onder meer een zij-instromer en een van de twintig werkgevers die in De Kuip aanwezig waren. Via een VR-bril konden de aanwezigen het logistieke proces ervaren. Ook was het mogelijk om een rondje mee te rijden in een vrachtwagen. En om een kijkje te nemen in een van de vrachtwagens die voor het stadion geparkeerd stonden. Voor en na de talkshow konden de 115 geïnteresseerden op de banenmarkt en in persoonlijke (advies)gesprekken praten met werkgevers en mensen van STL.

Tientallen afspraken

Menno spreekt van een succesvolle editie. ‘We zijn tevreden over de opkomst. Ook omdat tientallen van de 115 aanwezigen uiteindelijk De Kuip verlieten met een concrete afspraak om in gesprek te gaan met een werkgever. Wat we doorgaans zien, is dat de meesten daadwerkelijk de stap maken om in de logistiek aan de slag te gaan. Van de aanwezigen horen we doorgaans dat ze het evenement lekker concreet vinden. Ze krijgen praktische informatie, kunnen ervaren hoe het is om in een vrachtwagen te zitten en kunnen direct in gesprek met werkgevers. De verhalen van zij-instromers vinden ze ook inspirerend. De baanzekerheid, vrijheid en diversiteit die deze ervaringsdeskundigen hebben als vrachtwagenchauffeur zorgt ervoor dat de aanwezigen serieus gaan nadenken over een carrièreswitch.’

Waardevolle samenwerking LWA

De samenwerking met het Leerwerkakkoord is belangrijk bij het werven van potentiële vrachtwagenchauffeurs en logistiek medewerkers, stelt Menno. ‘Mede door de samenwerking met het Leerwerkakkoord en de gemeente Rotterdam hebben we veel geïnteresseerden bereikt. Veel aanwezigen kwamen via instanties als het UWV, het Leerwerkloket, Werkgeversservicepunt Rijnmond en het loket statushouders. In deze regio is er veel werkgelegenheid in de logistiek, maar er zijn ook relatief veel werkzoekenden. Met dit soort events kunnen we de juiste match maken. Voor het STL is het erg waardevol om aangesloten te zijn bij het Leerwerkakkoord.’

LWA - maasgebouw

SUCCESVOLLE BBL-INFOMARKT IN DE KUIP

Leren terwijl je werkt én geld verdient. Dit klinkt aantrekkelijk. Niet alleen voor aankomende studenten, maar ook voor werkzoekenden. Zij waren op 21 april dan ook aanwezig in De Kuip. Daar werd voor de twaalfde keer de jaarlijkse BBL Infomarkt georganiseerd.

95  leerbedrijven, werkgevers, mbo’s én vakscholen waren aanwezig om de geïnteresseerden meer te vertellen over de combinatie van werken en leren. Dit sluit perfect aan bij de LWA-pijler Van School naar Werk, waarmee we de afstand tussen arbeidsmarkt en werkzoekenden willen verkleinen via leerwerktrajecten.

Dat de combinatie leren, werken én geld verdienen veel mensen aanspreekt, bewees de 12e editie van de BBL Infomarkt die op 21 april plaatsvond. Ruim 700 jongeren en jongvolwassenen die een BBL (beroepsbegeleidende leerweg) -opleiding willen volgen, maar nog op zoek zijn naar een leerwerkbaan, bezochten de markt in het Maasgebouw bij stadion Feijenoord waar een groot aantal potentiële werkgevers hen met open armen ontving.
Met BBL-studenten halen bedrijven leergierige en gemotiveerde werknemers in huis die vaak na hun opleiding doorgroeien bij hun leerbedrijf.

unnamed-7

Kennissessie LLO: steeds meer werkgevers aan de slag met skills

Hoe gangbaar is het voor werkgevers om zich te richten op skills in plaats van diploma’s? Op die vraag werd door drie interessante sprekers een antwoord gegeven tijdens de kennissessie ‘Skills of diploma’s: wat kiest de werkgever?’. Deze kennissessie van Platform Kennisdeling Leven Lang Ontwikkelen en Sociale Innovatie werd gehouden op 7 april. ‘Werkgevers en onderwijsinstellingen zijn hierin verder dan de landelijke overheid.’

In de benodigde arbeidsmarkttransitie worden skills misschien wel belangrijker dan diploma’s. Met die woorden verwijst host Marita Dogterom (projectleider Platform Kennisdeling Leven Lang Ontwikkelen en Sociale Innovatie) aan het begin van de kennissessie naar de lezing van professor Jan Rotmans tijdens het congres Leven Lang Ontwikkelen in november 2021. Vanuit de studio in RDM Next De Loft heet Marita de digitale aanwezigen welkom. Deelnemende werkgevers komen uit allerlei sectoren. Ook onderwijsinstellingen en overheidsorganisaties zijn vertegenwoordigd. ‘Het thema leeft breed,’ concludeert Marita.

Digitaal Skills Paspoort

Om skills leidend te maken bij het invullen van vacatures, worden allerlei initiatieven ontplooid. Zoals het Digitaal Skills Paspoort, dat inzichtelijk maakt welke kennis en vaardigheden studenten en werknemers beheersen. ‘We verkleinen de afstand tussen de opleiding en de praktijk,’ vertelt projectleider Claudia Klarenbeek van Volandis, een kennis- en adviescentrum voor duurzame inzetbaarheid in de bouw, infra en techniek. Momenteel doen 150 enthousiaste deelnemers mee aan de pilot. ‘Door te focussen op skills, krijgen we meer inzicht in welke vaardigheden nodig zijn op de arbeidsmarkt. Ook bij omscholing helpt dit paspoort. Een van de deelnemers is opgeleid als bankwerker metaal. Hij wil nu timmerman worden. Via het paspoort kan hij aantonen dat hij bepaalde skills al beheerst, waardoor hij die timmermansopleiding versneld kan doen.’

Teasers kennissessie Skills of diploma’s wat kiest de werkgever?

3 Videos
Meer skills in vacatures

Veerle Visch, adviseur onderwijs en kwaliteit van het Albeda, vertelt over een vergelijkbaar initiatief: Edubadges. Dit zijn digitale bewijzen van kennis en vaardigheden, die worden opgeslagen in een digitale rugzak. Ook zij deelt een succesverhaal. ‘Een zorgstudente leerde een aantal skills tijdens het project maatschappelijke diensttijd. De verdiende Edubadges deelde ze op haar net aangemaakte LinkedIn-account. Uiteindelijk heeft haar dat een bijbaan opgeleverd.’ Volgens Veerle staan werkgevers steeds meer open voor het aannemen van mensen op basis van skills. ‘In vacatures zie ik dat skills steeds vaker genoemd worden. En niet alleen diploma’s. Als we de waarde van Edubadges en andere tools meer aantonen, zullen werkgevers verder daarin meegaan.’

Innovatie vanuit het werkveld

Daarvoor is validatie en standaardisatie van oplossingen als het Digitale Skills Paspoort en de Edubadges nodig. Dat stelt Dr. Joost van Genabeek, senior onderzoeker van TNO, tijdens de afsluitende presentatie: ‘Dat zou de landelijke overheid moeten doen. Dat is vooralsnog lastig. Werkgevers en onderwijsinstellingen zijn veel actiever in het beoordelen op skills in plaats van diploma’s. Deze innovatie komt echt vanuit de sectoren zelf. Dat is belangrijk. Skills maken op een groter detailniveau zichtbaar wat ervoor nodig is om de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt bij te benen. Nu moeten we met elkaar bepalen wat de gemeenschappelijke taal wordt rondom skills, welke instrumenten we inzetten om skills te bepalen en meten en hoe we skills gaan valideren. Als we daarin slagen, is voor werkgevers duidelijk welke skills hun nieuwe personeel beheerst. En werknemers kregen inzicht in skills waarvan ze zich niet bewust zijn.’

De volledige kennissessie ‘Skills of diploma’s: wat kiest de werkgever’ kun je terugkijken via de speciale event-pagina. 

De volgende kennissessie van Platform Kennisdeling Leven Lang Ontwikkelen en Sociale Innovatie staat gepland op 16 juni 2022. Het onderwerp: ‘Loopbaan APK voor iedereen?!’ Aanmelden voor deze hybride sessie kan hier.

_DSC6955

Aan het werk met praktijkverklaring (I): Zjeremai vindt zijn draai in de bouw

Sommige medewerkers leren liever door te doen dan door met de neus in de boeken te zitten. Werknemers zonder startkwalificatie kunnen met een praktijkverklaring aantonen dat ze over bepaalde competenties beschikken. Zo kunnen ze makkelijker een baan vinden. In een drieluik lichten we deelnemers uit die via een praktijkverklaring aan het werk gingen.

In deel 1: Zjeremai Schoevers, die via Stichting Haagbouw zijn draai heeft gevonden bij bouwbedrijf EVS. 

Zjeremai Schoevers kijkt uit het raam van een vakantiehuisje in Hellevoetsluis. Terwijl hij de verte in tuurt, zegt hij: ‘Weet je wat het is? Ik hoef geen ander beroep meer. Ik doe dit nu al twee maanden en ik vind het nog steeds leuk. Dat gevoel heb ik bij mijn eerdere banen nooit gehad.’

Elke dag ander werk

Die ochtend is de 25-jarige Zjeremai vanuit Rotterdam naar de Spaansepolder gefietst. Elke ochtend verzamelen de medewerkers van bouwbedrijf EVS hier. Eerst koffie, dan een uitleg van de klus van die dag. En dan het busje in. Vandaag ging de rit dus naar Hellevoetsluis, waar een vakantiehuisje volledig gerenoveerd wordt. Zjeremai brengt isolatie aan. ‘Maar ik heb bij EVS ook al bekistingen gelegd, gesloopt, gegraven en gipswandjes geplaatst. Ik vind alles leuk. Elke dag is anders. Daar hou ik van. Bij eerdere banen deed ik elke dag hetzelfde werk. Niks voor mij.’

Zoektocht naar droombaan

Zjeremai groeide als zoon van Nederlandse ouders op in Portugal. Nadat hij daar zijn middelbare school afrondde, kwam hij op zijn zestiende definitief naar Nederland. Omdat school “niet helemaal zijn ding” is, zocht hij werk. Bij een bedrijf dat zelfklevende etiketten verkocht, werd hij na twee ziekmeldingen ontslagen. Stratenmaker, horecamedewerker en orderpicker bleken ook niet zijn droomberoep. Slopen beviel wél, maar door een gebrek aan werk én een ontbrekend rijbewijs moest hij weg. ‘Ik had best mijn beroep willen maken van slopen. Maar meerdere sloop- en bouwbedrijven namen me niet aan, omdat ik geen rijbewijs heb. Het voelt niet fijn om afgewezen te worden.’

Van bijstand naar praktijkverklaring

Intussen was hij al in de bijstand beland. Na drie jaar wilde hij daar maar al te graag uit. Dus meldde hij zich aan voor de webinar van de Pilot ontwikkeling uniforme praktijkverklaring. Met Peter van Gent van Stichting Haagbouw klikte het. Na een positief gesprek volgde hij bij Haagbouw met succes de opleiding tot timmerman. Na een half jaar sleepte Zjeremai zijn praktijkverklaring in de wacht. Niet veel later kon hij via Haagbouw – dat Zjeremai in dienst nam – bij EVS aan de slag.

Elke dag iets nieuws leren

‘Bij Haagbouw voelde ik me geen nummer, zoals bij sommige andere werkgevers,’ vertelt Zjeremai. ‘Ik werd en word goed begeleid door Peter en voel me serieus genomen. Ook bij EVS heb ik het goed naar mijn zin. Elke dag leer ik weer iets nieuws. Een technische handeling, maar ook spreekwoorden en uitdrukkingen. Ik zuig alles op. Soms zit ik ’s avonds allerlei plaatjes van gereedschappen op te zoeken, zodat ik leer hoe die allemaal heten. Dan kan ik de dag erna beter mijn werk doen en de jongens helpen.’

Tóch een opleiding

Weer tuurt Zjeremai uit het raam. Dan zegt hij: ‘Ik zit zelfs al naar cursussen en opleidingen te kijken. ik wil meer leren over economie, wiskunde en taal. Zodat ik mezelf kan ontwikkelen en misschien ooit voor mezelf kan beginnen in de bouw. Dat ík vanuit mezelf iets wil leren, dat zegt wel iets. Ik weet nu al: ik wil de rest van mijn leven in de bouw blijven werken!’

Nederland, Rotterdam, 07/04/2022,
Peter Smit en Peter Nagelkerke bij Het Haventrainingscentrum van het STC.
foto Jan de Groen

SLIM legt basis voor leven lang ontwikkelen in MKB

Werknemers die zich blijven ontwikkelen zorgen voor innovatie in je bedrijf met nieuwe kennis en technieken. En ze blijven behouden voor je organisatie. Dit is de gedachte achter SLIM. De subsidieregeling gaat komende twee jaar ondernemers en werknemers helpen op het gebied van menselijk kapitaal. MKB Rotterdam Rijnmond werkt hiervoor samen met ondernemers uit de regio, onderwijsinstellingen en het Leerwerkakkoord.

SLIM is écht slim. Het staat voor Subsidieregeling Leren en ontwikkelen In het MKB. Hiermee moet een breed en makkelijk toegankelijk aanbod van opleidingen en trainingen komen voor werknemers in het MKB. Doel is dat zij zich kunnen ontwikkelen om aansluiting op de arbeidsmarkt te houden en dat ondernemingen kunnen innoveren en geschikt personeel behouden of hieraan kunnen komen. De opzet achter SLIM is net zo slim: ondernemers, onderwijsinstellingen en overheid werken samen vanuit een gezamenlijke gevoelde verantwoordelijkheid voor (dreigende) maatschappelijke en economische problemen.

Collectieve regeling

De samenwerking is mooi en bijzonder. “Maar eigenlijk hadden we hier veel eerder mee moeten beginnen”, stelt Peter Smit, programmamanager van het Leerwerkakkoord Rotterdam–Rijnmond. Rotterdam, maar zeker ook een aantal andere steden in de regio scoren hoog als het gaat om bijvoorbeeld jongeren die geen opleiding hebben afgemaakt. Of om praktisch geschoold personeel wiens werk sterk verandert of zelfs verdwijnt.

‘Elke ondernemer komt op een punt dat het niet meer zo lekker loopt’

Dit zijn persoonlijke problemen, maar ook maatschappelijke. Stel, iemand kan de veranderingen niet bijbenen en wordt werkloos, of anders gezegd: doet niet meer mee. Dit kan leiden tot een sneeuwbaleffect: langdurige werkloosheid leidt tot hogere kosten voor uitkeringen, maar ook voor gezondheidszorg, familieproblemen, eenzaamheid enzovoorts. Voor ondernemers zijn er directe belangen als hun personeel meegroeit en zich blijft door-ontwikkelen. Zeker nu er niet voldoende geschikt personeel is. Dat remt de ontwikkeling en groei van een bedrijf. Smit: “Vooral het kleinbedrijf is minder toegerust, ontbeert HR-capaciteit of denkt: ‘Moet dat nu allemaal in mijn tijd?’ Of: ‘Als iemand een opleiding doet, gaat hij of zij toch weg.’ Oude gedachten die niet kloppen. Ontwikkeling loont!’”

Ontwikkelen van medewerkers is in ieders belang, weet Peter Nagelkerke, projectleider MKB binnen de Leerwerkakkoorden en ook projectleider van deze SLIM-aanpak. “Elke ondernemer komt op een punt dat het niet meer zo lekker loopt. Dat werd tijdens corona duidelijk: horeca ging dicht en bij de test- en priklocaties waren juist mensen nodig. Werknemers, op hun beurt, moeten ervan doordrongen zijn dat ze behouden moeten blijven voor de arbeidsmarkt.”

Samenwerken via werkhub

De SLIM-gelden zijn voor twee jaar toegekend om projecten aan te jagen die de match tussen mensen en werk, tussen vraag en aanbod gaan vergroten door overzicht en ondersteuning te bieden op het gebied van leven lang ontwikkelen. Op 24 februari was de kick-off met de aangesloten partners. Nu wordt met opleiders in kaart gebracht welk aanbod er al is en welke verder moet worden ontwikkeld. Met ondernemers wordt de behoefte aan vaardigheden op een rijtje gezet. En op termijn komt er echt één ontwikkelloket, zodat werknemers en ondernemers niet van het kastje naar de muur hoeven. Alle betrokken partijen komen ‘achter’ dit loket. Denk aan: ondernemersverenigingen, scholingsinstellingen, brancheorganisaties en instanties die mensen naar werk leiden (WSPR, regionale mobiliteitsteams, Rijnmond Werkt Door enzovoorts). Nagelkerke: “De commissie-Borstlap stelde al dat voor een goede aansluiting van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt alle betrokken partijen nauw moeten samenwerken, ofwel de werkhub-gedachte. In het land hoor je al namen als het Huis van Werk of het Regionaal Werk Centrum.”

‘Je hoeft het wiel niet opnieuw uit te vinden’

Elkaar vertrouwen

Dit SLIM-project is onderdeel van het Leerwerkakkoord MKB, dat vorige collegeperiode in Rotterdam werd gesloten. Rotterdam was de eerste hiermee in Nederland en meteen de omvangrijkste. Kort na de start kreeg het Leerwerkakkoord een meer regionale focus. Er zijn vele programma’s, van zorg tot haven, van transport tot energietransitie en van facilitair tot MKB. Waar partijen voorheen naar elkaar wezen, werken ze nu samen in een ‘triple helix’-aanpak met overheid, ondernemers en onderwijs.

Corona heeft weliswaar initiatieven gehinderd doordat samenkomsten niet konden. Tegelijk bracht het veel in een stroomversnelling. “Onder druk wordt veel vloeibaar”, zegt Smit. “Mensen voelen de noodzaak dat er wat móet gebeuren. Dan gebeurt het ook. Je zag dat de weerbaarheid van mensen groter is dan gedacht. Dat geeft moed.” “Typisch aan de meer Rotterdamse aanpak is dat als je iets een goed idee vindt, je gewoon moet kunnen starten”, vult Nagelkerke aan. “Het belangrijkste is dat je elkaar vertrouwt.”

Rode loper

Door de noodzaak en de grootte gaan de ontwikkelingen snel in de regio Rijnmond. Smit en Nagelkerke hopen dat andere regio’s, waar de organisaties minder capaciteit hebben, aanhaken. Zij kunnen van de ervaringen profiteren. Smit: “Iedereen hoeft niet het wiel opnieuw uit te vinden.” Ook dat is slim. Nagelkerke: “En het hoeft allemaal niet per se via de Leerwerkakkoorden, we kunnen ook ondersteunen. Je hebt een aantal grote ondernemingen die hierin kunnen en willen investeren. We snappen het als vooral kleinere ondernemers weinig tijd hebben. Daarom leggen we de rode loper uit, zodat ook zij kunnen profiteren van de ervaringen van de koplopers.”

Na twee jaar worden de pilots geëvalueerd. Dan loopt de SLIM-subsidieregeling af en moeten de initiatieven geborgd zijn in een blijvende structuur.

Oproep!

Wees ook slim! Laat je bedrijf ontwikkelen en meld je aan voor advies en steun.

Van inspiratie naar ontwikkeling

Tijdens SLIM-bijeenkomsten worden vraag en aanbod voor scholing en ontwikkeling op een rijtje gezet.

Inspiratiebijeenkomsten

Hier wordt ingegaan op de waaromvraag. Koploperbedrijven laten best practices zien.

Werkbijeenkomsten

Met een zelfscan en hulp van een expert kunnen bedrijven behoeften en mogelijkheden in kaart brengen.

Ontwikkelbijeenkomsten

De gevolgen van de scan voor de ontwikkeling van het bedrijf worden zichtbaar en daarop wordt een ontwikkelplan gemaakt.

Ondersteuningsbijeenkomsten

Met medewerkers wordt bekeken wat concreet nodig en mogelijk is aan opleiding en ontwikkeling.

Kennisplatform

Het Kennisplatform LLO en SI ondersteunt ondernemers met kennis over vraaggericht opleiden, werksessies en bijeenkomsten waarin kennis met en door ondernemers wordt gedeeld. Thema’s:

  1. Eigen regie: over je kennis, skills en loopbaan.
  2. Arbeidsmobiliteit: actuele ontwikkelingen op de regionale arbeidsmarkt.
  3. Verbinding onderwijs en bedrijfsleven: hoe krijg je opleidingen die beantwoorden aan behoeften van de arbeidsmarkt.

Meer weten? Check onze agenda

Shot of a young man in workwear standing outside on a large commercial dock

Havenwerkers leren innoveren op de Sociale Innovatie Academie

Zes Rotterdamse havenwerkers van Vopak, ECT en Hutchison Ports Delta II hebben in maart hun opleiding afgerond aan de Sociale Innovatie Academie. Dankzij het lesprogramma ‘Sociale Innovatie in de Haven’ zijn zij nu aanjagers van vernieuwing op de werkvloer. 

De opleiding past bij de Leerwerkakkoord-pijler ‘Van werk naar werk’. In september 2022 start een volgende leergang, waarvoor geïnteresseerden zich al kunnen aanmelden.

Trots namen de zes havenwerkers op donderdag 10 maart hun certificaat in ontvangst. Dat gebeurde tijdens een feestelijke uitreiking, waarbij een deel van hun collega’s aanwezig was. Daarvoor presenteerden de deelnemers hun ideeën voor sociale innovatie. De reacties waren positief. ‘Het project dat ik op de leergang heb uitgewerkt is door Vopak echt omarmd,’ zegt maintenance coördinator Ricardo. Technical administrator Benthe: ‘Je leert anders te werken met hetzelfde of zelfs een mooier resultaat.’

Ondernemers van eigen idee

De leergang Sociale Innovatie in de Haven bestaat al sinds 2011, maar werd in 2021 in een geheel nieuw jasje gestoken. Het is nu onderdeel van de Sociale Innovatie Academie, die in 2021 werd opgericht door dr. Niels van der Weerdt. De academie is een impactonderneming binnen de Erasmus Universiteit en biedt op maat gemaakte lesprogramma’s voor diverse sectoren. Uitgangspunt is dat medewerkers ondernemer worden van hun eigen idee. Zeventig procent van alle verbeterideeën komt namelijk van de werkvloer. Operationele medewerkers en leidinggevenden zijn cruciaal voor innovatie en slimmer samenwerken. De Sociale Innovatie Academie helpt werkgevers om dat talent te ontketenen en duurzaam vernieuwingsvermogen op de werkvloer te realiseren.

Van werk naar werk

Dat sluit aan bij de Leerwerkakkoord-pijler ‘Van werk naar werk’. In deze pijler werken we toe naar een structureel en duurzaam systeem voor een leven lang ontwikkelen in onze regio. Dit omdat de wereld én de beroepen veranderen. De arbeidsmarkt vraagt in toenemende mate flexibele en breed inzetbare professionals, met de juiste vaardigheden. We hechten er waarde aan dat werkgevers inzetten op om- en bijscholing ‘on the job’.

Lesdagen, workouts en workshops

De leergang Sociale Innovatie in de Haven bestaat uit drie elementen. Tijdens lesdagen wordt dieper ingegaan op de inhoud, waarna nieuwe inzichten kunnen worden toegepast in de praktijk. De workouts zijn gericht op actief werken aan persoonlijke vaardigheden. Tijdens de workshops helpen innovatiecoaches deelnemers hun verbeteridee te realiseren. Daarbij worden ze begeleid door docent Jan Hoetmer, de meest ervaren ideeëncoach van Nederland. Volgens de principes van design thinking formuleren deelnemers een concrete onderzoeksvraag, verdiepen ze zich in behoeften van collega’s en brainstormen over oplossingen waarmee werd geëxperimenteerd in hun werkomgeving. 

Bedrijfsbezoeken

Alle onderdelen van het programma vinden plaats op locaties in de haven. Ook worden bedrijfsbezoeken gebracht aan koplopers op het gebied van sociale innovatie. Zo werd tijdens de afgelopen editie het Rotterdamse metaalbedrijf Aldowa bezocht; bekend van de binnengevel van de Markthal. De leergang Sociale Innovatie in de Haven kenmerkt zich door kleine klassen; er kunnen maximaal achttien deelnemers meedoen. Bovendien werken alle deelnemers in de haven of industrie. Daardoor kunnen onderling eenvoudig ervaringen worden uitgewisseld.

Meer weten over de leergang Sociale innovatie in de haven? Op de website vind je meer informatie over het inhoudelijke programma, de gevraagde inspanning en de kosten. Ook vertellen deelnemers in korte video’s over hun ervaringen.

Bouwvakker die steigers opzet tegen een blauwe lucht.

Techniek College Rotterdam stoomt studenten klaar voor circulair bouwen

Rotterdam maakt van circulair de maatstaf. Dit zie je ook terug in het onderwijs. Bijvoorbeeld op het Techniek College Rotterdam, waar met name studenten Bouwkunde circulariteit serieus nemen.

 ‘Van school naar het werk’ is een van de drie pijlers van het Leerwerkakkoord. Het doel van deze pijler is dat jongeren van school gaan met de juiste vaardigheden. Het onderwijs van vandaag leidt de mensen op die de wereld van morgen én de arbeidsmarkt van morgen vormen. Uitgangspunt is dat jongeren daar goed op zijn voorbereid. Circulariteit is een van de thema’s die in de toekomst alleen maar belangrijker worden.

Rotterdam Circulair

In Rotterdam zijn circulaire initiatieven verenigd binnen Rotterdam Circulair. Deze organisatie bracht onlangs de Voortgangsrapportage 2021 uit. Deze voortgangsrapportage gaat in op de resultaten, successen, ontwikkelingen en de leermomenten van de afgelopen periode. En geeft een doorkijk naar toekomstige uitdagingen. In het rapport staat onder meer een interview met Arnout Sarmout, docent Bouwkunde aan het Techniek College Rotterdam. Dit college is een samenwerking tussen Albeda en Zadkine. Honderden leerlingen uit de regio Groot-Rijnmond krijgen hier technisch en technologisch onderwijs.

Alleen nog circulaire projecten

Het Techniek College Rotterdam is nu drie jaar bezig met circulaire projecten. ‘Studenten weten steeds beter hun weg te vinden,’ vertelt Sarmout in het interview. ‘Ook komen andere partijen inmiddels graag bij ons op bezoek. Denk bijvoorbeeld aan een architect, die een workshop geeft en vertelt wat zijn bureau op circulair gebied doet en met de studenten meedenkt over het project. Met Bouwkunde doen we de laatste jaren alleen nog circulaire projecten. Dit bevalt ons goed. Want één ding is zeker. Circulair bouwen wordt onderdeel van het dagelijkse werk van onze studenten.’

Bouwkunde

‘We leren onze studenten met een circulaire blik naar de gebouwen te kijken,’ aldus Sarmout. ‘Zodat ze bijvoorbeeld weten dat ze er rekening mee moeten houden dat een gebouw later een andere functie krijgt. Op dit moment speelt circulair vooral bij Bouwkunde. De leiding van het Techniek College weet dat circulariteit steeds belangrijker wordt in de wereld van techniek. Andere opleidingen zullen volgen. Denk bijvoorbeeld aan Maakindustrie en Onderhoud.’

Impuls voor werkgelegenheid

Sarmout denkt dat de grondstoffentransitie een impuls kan geven aan de Rotterdamse economie en werkgelegenheid. ‘Je ziet dat prijzen van de grondstoffen wereldwijd stijgen. Dit zorgt ervoor dat circulair bouwen niet alleen goed is voor onze leefomgeving maar ook financieel aantrekkelijker wordt. Het lijkt dan ook logisch dat circulariteit in Rotterdam voor nieuwe economische impulsen zal zorgen. Bij sloopbedrijven zie je bijvoorbeeld dat ze steeds meer verzamelen en het materiaal verwerken tot iets bruikbaars. Er wordt niet meer gesloopt maar geoogst.’

Wil je het volledige interview met Arnout Sarmout lezen? Bekijk hier de Voortgangsrapportage 2021 van Rotterdam Circulair.

 

LWA Infographic

Leerwerkakkoorden pakken mismatch arbeidsmarkt aan

Het Leerwerkakkoord (LWA) is een samenwerking tussen het onderwijs, bedrijfsleven en de overheid in de regio Rotterdam-Rijnmond. De akkoorden zijn bedoeld om de mismatch op de arbeidsmarkt aan te pakken, onder andere door scholing te bieden aan werkzoekenden die daarmee aan de slag kunnen in een sector waar een groot tekort is aan personeel. Maar het Leerwerkakkoord zet ook in op stages of werkervaringsplaatsen. Sinds 2019 zijn duizenden mensen aan een nieuwe of andere baan, een opleiding- of stageplek of een werkervaringsplaats in de regio geholpen. En dit aantal neemt nog steeds toe.

Tussenevaluatie

Het LWA is inmiddels halverwege de looptijd (2019-2024) en maakt in een Tussenevaluatie de balans op. Belangrijkste punten uit deze tussenevaluatie is dat de Leerwerkakkoorden nog meer aan de weg kunnen timmeren als het gaat om hun bekendheid. Nog niet iedereen weet wat deze akkoorden kunnen betekenen voor mensen die op zoek zijn naar een baan of voor bedrijven die medewerkers zoeken. Ook zouden de leerwerkakkoorden meer gebruik kunnen maken van elkaars ideeën en initiatieven, zoals succesvolle projecten waarbij mensen opgeleid zijn voor een baan in een sector waar dringend behoefte is aan medewerkers. Een aantal van de aanbevelingen is al in gang gezet. Zo komt eind dit jaar via het online dashboard RijnmondInzicht een portal beschikbaar waarin per deel LWA de actuele informatie snel beschikbaar is. En zijn de contacten met hoger onderwijs gelegd om ook aan te sluiten.

Zes akkoorden

Er zijn inmiddels zes Leerwerkakkoorden voor kansrijke sectoren in de regio: Haven, Zorg, Energietransitie, Bouw en Techniek, Transport, Logistiek, Personenvervoer en Binnenvaart, Facilitaire Dienstverlening; en MKB. Het Leerwerkakkoord heeft meer dan 100 partners uit het onderwijs, bedrijfsleven en de overheid. Al deze partners zijn actief betrokken bij diverse activiteiten van de LWA aan de hand van de drie pijlers ‘van school naar werk’, ‘van werk naar werk’, en ‘(weer) aan het werk’. Verder heeft het LWA ook aandacht voor overkoepelende initiatieven waaronder het onlangs gehouden congres Leven Lang Ontwikkelen en Sociale Innovatie. Hiermee draagt het LWA niet alleen bij aan duurzame werkgelegenheid maar ook aan de regionale economie en bedrijvigheid.